1) Persoonlijke verzorging :
Zoals hulp geven aan de zorgvrager bij het wassen/ douchen, aankleden, bed opmaken, verzorgen van een maaltijd en boodschappen doen.
2) Verpleging :
Het uitvoeren van medisch technische handelingen, zoals urine-catheter verwisselen, injectie geven, infuusverzorging, het inbrengen van een perifeer infuus in de arm, het geven van sondevoeding, een klysma geven, zorg omtrent de thuisbeademing, tracheacanule zorg, venapunctie i.v.m. bloedafname voor het laboratorium.
Het verplegen van de zorgvrager, waarbij verpleegtechnische kennis nodig is, zoals terminale zorg, wondverzorging en revalidatie; het geven van adviezen.
3) Ondersteunende begeleiding :
Begeleiding bij aktiviteiten buitenshuis, waarbij u hulp nodig heeft. Dit kan bijv. zijn hulp bij het bezoek aan een zwembad, bibliotheek of winkel, maar ook hulp bij contacten met instanties, begeleiding tijdens een bezoek aan de huisarts of specialist. Cliënt dient zelf voor evt. vervoer te zorgen.
4) Activerende begeleiding / revalidatie:
Begeleiding, die erop gericht is u ( weer ) te leren om te gaan met uw handicap/ aandoening. Bijv. hulp bij het weer leren lopen, bij het weer aanleren van de eigen persoonlijke verzorging, bij het ( weer ) leren organiseren van het huishouden, maar ook begeleiding, die gericht is op psychisch en emotioneel gebied, zoals bij rouwverwerking.
5) Slaap- en waakwachten.
6) Bereikbare dienst voor bijvoorbeeld toiletbezoek.